Geschiedenis


NOGB

Geschiedenis van de
Nederlandse Officieren Golf Bond.

 

De oprichting in 1940 en de oorlogsjaren
Kort na de mobilisatie in 1939 nemen een aantal beroeps- en reserveofficieren het initiatief om speciaal voor golfende Nederlandse officieren een Bond op te richten.
Op 20 april 1940 is de oprichting van de Nederlandse Officieren Golf Bond, afgekort NOGB, een feit! Het doel van de NOGB wordt in artikel 1. en 2. van de statuten als volgt weergegeven: “De Nederlandsche Officieren Golfbond stelt zich ten doel de beoefening van het golfspel te bevorderen onder de officieren van het Nederlandsche leger, het Nederlands-Indische leger, de Koninklijke Marine en het Korps Mariniers, alsmede onder de leerlingen aan Inrichtingen van militair onderwijs en aan Scholen voor Reserve Officieren. De Bond stelt zich tevens ten doel een band te leggen tussen de golfspelende, in het eerste lid genoemde, militairen. Onder Officieren bedoeld in art 1., worden tevens verstaan de eervol ontslagen en gepensioneerde officieren, die lid van de Bond zijn geweest.”
Zo staat te lezen in het maandblad “Golf”, officieel orgaan van het Nederlandsch Golfcomité, dat nog diezelfde maand, als eerste officiële NOGB-activiteit, op de golfbaan van GC De Pan een wedstrijd tussen Officieren tegen de “Rest van Nederland” wordt gespeeld. Z.K.H. Prins Bernhard speelt mee in het team van de militairen terwijl Dhr. G.M. del Court van Krimpen, de toenmalige vice-voorzitter van het Nederlands Golf Comité, als ook Mr. Baron Schimmelpenninck van der Oye, de President van het Nederlands Olympisch Comité, aan de kant van de burgers meespelen. Vrijwel onmiddellijk na dit eerste “wapenfeit” gaat de Bond, als gevolg van de capitulatie van het Nederlandse Leger, helaas over in een “slapend” bestaan.

Na de oorlog
Kort na de bevrijding van ons land wordt de draad weer voorzichtig opgepakt en worden er weer militaire golfwedstrijden georganiseerd. Ook wedstrijden tussen teams van de krijgsmachtdelen onderling worden gespeeld, waarbij Z.K.H. Prins Bernhard veelal in het team van de Luchtmacht meedoet. De moeilijkheid in die tijd van wederopbouw was dat de Nederlandse troepen niet alleen in eigen land maar ook in Groot-Brittannië en Indonesië gelegerd waren en het dus niet eenvoudig was om golfwedstrijden of andere activiteiten te organiseren.
Op 15 maart 1946 verschijnt er in de 10e Jaargang, No. 1 van het blad “Golf”, het officieel orgaan van het Nederlandsch Golfcomité, naast een foto van de allereerste NOGB-activiteit in 1940, een artikel over de NOGB. In dit artikel wordt het Bestuur voorgesteld en worden alle golfspelende officieren opgeroepen zich bij de secretaris, Jhr. Mr. W.H. den Beer Poortugael, op te geven. Ook wordt aangegeven dat “Golf” in den vervolge ook zal optreden als officieel orgaan van de NOGB.

Heroprichting begin 50’er jaren
Het is onduidelijk wat er zich tussen 1946 en 1950 met betrekking tot de NOGB en haar activiteiten heeft afgespeeld maar medio 1951 zoekt Lkol der Koninklijke Marechaussee K.J.H. Poll contact met een aantal gelijkgestemden, waaronder Lou van Heemskerk, Bib van Lanschot en Frits Scholten om te zien of er voldoende animo is om de NOGB weer nieuw leven in te blazen. In 1951 en 1952 worden er in klein gezelschap informele onderlinge militaire golfwedstrijden georganiseerd en wordt op 14 februari 1952 in een brief het Hoofd van de Commissie Internationale Militaire Sportwedstrijden (CIMS) toestemming gevraagd om internationale golfwedstrijden te mogen organiseren. In zijn antwoord van 18 februari 1952 geeft H-CIMS aan dat dit vanwege “de toegestane begroting voor sport, en ’s-Lands moeilijke financiële omstandigheden” niet mogelijk is. Uiteindelijk is het op 17 juli 1953, tijdens de feestelijkheden rondom het 125-jarig bestaan van de KMA, dat een aantal liefhebbers, onder aanvoering van Lkol KMAR K.J.H. Poll, de spreekwoordelijke golfhandschoen oppakken en de Bond nieuw leven inblazen. Kort daarna, op de golfbaan van de Bredase GC heeft het nieuwe Bestuur, onder voorzitterschap van Kol der Cavalerie (bd) W.C.J.M. van Lanschot, haar eerste naoorlogse bestuursvergadering. Lkol Poll wordt daarbij aangesteld als Secretaris tevens Penningmeester. Kort daarna, op maandag 7 september 1953, wordt er op de baan van de Hilversumsche voor het eerst sinds lange tijd weer gestreden om de titel van Nederlands Militair Kampioen (NMK) Golf. Kol van Lanschot prolongeert met rondjes van 80 en 75, en na een spannende strijd met AAT Officier J.H.C. Salberg (rondjes 78 en 82), zijn in 1946 behaalde titel van NMK Golf. De contributie in die jaren bedraagt 10 gulden per jaar.

In een brief wordt de Staatssecretaris van Defensie benaderd met het verzoek het initiatief van de NOGB te ondersteunen en financiële middelen ter beschikking te stellen. In een antwoord op 29 maart 1954 van de Chef Kabinet namens de Staatssecretaris, geeft hij aan dat men zich van hogerhand “niet gaat binden aan een onderneming zoals wordt voorgesteld alvorens de levensvatbaarheid hiervan is gebleken.” Desondanks wordt er op 13 september 1954 in Valkenswaard opnieuw om het NMK Golf gestreden.
Ook wordt er door het voortvarende bestuur, ondanks de afwijzing van CIMS, contact gezocht met buitenlandse militaire golfclubs, zoals bijv. die van de British Army on the Rhine (BAOR), de Northern Army Group (NORTHAG) en de Engelse Army Officers’ Golfers Society. Zo wordt er op 17 oktober 1954 in Valkenswaard door een NOGB team tegen een team van de Rhine Golfing Association gespeeld. Het NOGB team wordt op basis van van de resultaten van het militair kampioenschap samengesteld met Kol W.C.J.M. van Lanschot als captain. Na afloop van de ontmoeting worden alle deelnemers door de voorzitter NOGB uitgenodigd “voor een cocktail ten zijnen huize”. Dat het evenement in de smaak valt blijkt wel uit de dankbrief van Col Armstrong, Engineer Branch HQ NORTHAG BAOR. De jaren daarna is er regelmatig sprake van een golfontmoeting tussen de NOGB en diverse teams van de BAOR.

Eind 50’er jaren zijn er initiatieven om in de omgeving van Hoog-Soeren, midden in de Kroondomeinen, een golfbaan aan te gaan leggen. De voorzitter van de NOGB, Kol (bd) van Lanschot, bedenkt zich geen moment en stuurt op 10 september 1958 een brief aan Dhr. Mr. J. Haverkorn van Rijsewijk, de voorzitter van de Veluwsche Golf Club (VGC) in oprichting, waarin hij aangeeft dat de NOGB “grote belangstelling heeft voor de plannen betreffende het oprichten van de VGC en dat hij gaarne een regeling zou treffen, respectievelijk een combinatie zou willen vormen, met de golfclub in oprichting”.

De jaren 60
In een verenigingsmededeling gedateerd 19 juli 1961 wordt, naast de aankondiging van het jaarlijks NMK in september en een voorgenomen wedstrijd tegen een Engels team van NORTHAG, ook aangegeven dat er een mogelijkheid bestaat dat de golfbaan van de VGC in de nabije toekomst de “homecourse” van de NOGB zal gaan worden. Omdat dit een contributie verhoging met zich mee brengt wordt een enquête onder de leden gehouden. De contributie was 10 gulden (voor adelborsten, cadetten en ARO’s slechts 5 gulden) en zal, als de VGC als homecourse wordt aangemerkt, oplopen naar 25 gulden. De regeling met de VGC wordt door het bestuur als “zéér billijk en aantrekkelijk” aan haar leden voorgespiegeld.

Op 11 mei 1962 is het dan zover. In een brief (2) van de voorzitter van de VGC geeft het bestuur van de VGC officieel aan dat, hoewel het nog geruime tijd duurt voordat de baan bespeeld zal kunnen worden, de VGC “gaarne bereid is een overeenkomst met Uw Bond aan te gaan”. In de brief worden de voorwaarden geschetst welke in de kern, tot op de dag van vandaag, nog overeind staan.

Op 06 juli 1962 krijgt de inmiddels tot Kolonel bevorderde secretaris K.J.H. Poll een antwoord (2) namens de Staatssecretaris van Defensie op zijn ideeën en verzoek om een “Officiersclub”, met daarin opgenomen ondermeer een manege, een jachtclub maar ook een golfclub (allemaal met “eigen” faciliteiten, dus ook een (militaire) golfbaan, te mogen oprichten. Op basis van de meegestuurde begroting wordt de financiële haalbaarheid van het plan door de Staatssecretaris “als “rooskleurig” bestempeld en wordt de exploitatie opzet” ernstig betwijfeld.

Toch blijft het bestuur, en dan voornamelijk Kolonel Poll, aan de weg timmeren en wordt geprobeerd meer bekendheid aan de NOGB te geven. Zo schrijft hij eind augustus 1962 een brief met informatie over de NOGB aan de hoofdredacteur van “De Legerkoerier” met het verzoek hier een artikel aan te wijden. In zijn antwoord (2) schrijft de redacteur dat “vanwege een overvloed aan kopij uit Suriname en Nieuw Guinea het artikel in het oktobernummer zal worden opgenomen.

In augustus 1963 wordt opnieuw een verzoek aan H-CIMS gericht om een officieel Militair Golf Kampioenschap te mogen organiseren, of de CIMS genegen om daar een aantal prijzen voor ter beschikking te stellen. Ook is het de bedoeling dat de (militaire) deelnemers voor eigen rekening aan de middag- en avondmaaltijd in de garnizoensofficiersmess van Apeldoorn mogen deelnemen. Wat uiteindelijk het antwoord is van de CIMS is niet duidelijk maar wel duidelijk is dat er op 12 oktober 1963 voor de eerste keer een (officieus?) Nederlands Militair Kampioenschap op de golfbaan van de VGC wordt gespeeld.
Kort daarvoor, op 23 september, wordt er aansluitend aan de jaarvergadering, ook een wedstrijd op de VGC voor alleen leden van de NOGB georganiseerd. In een verenigingsmededeling (2) van 24 september 1963 schrijft secretaris Poll dat de baan van de VGC voor de 22 deelnemers een aangename verassing was en dat ook het bier weer best was. Kolonel Brantjes (spelend van hcp 26) wint deze allereerste NOGB wedstrijd op de VGC met 37 stablefordpunten. Tijdens de jaarvergadering wordt niet alleen besloten de statuten uit 1940 aan te passen, ook wordt besloten om bij elke Nederlandse golfclub een “contactman” aan te wijzen en om per Krijgsmachtdeel, wapen en/of dienstvak zogeheten “captains” aan te stellen met als doel meer leden voor de NOGB te werven maar ook om initiatieven voor Krijgsmachtdeel-, Korps-, Regiments- en Interservice wedstrijden te nemen. De golfbaan van de VGC wordt hiervoor green-fee vrij (!) ter beschikking gesteld. In een aparte brief aan de eerdergenoemde “contactmannen” en “captains” worden deze verzocht om propaganda voor de NOGB te maken en de officieren golfers van de clubs te wijzen op het bestaan van de NOGB en hen verzoeken lid te worden.

Op 25 januari 1965 wordt door het Bestuur in een brief aan de leden de viering van het 25-jarig bestaan van de NOGB aangekondigd. Dit heuglijke feit zal op 24 april worden gevierd met een 18-holes wedstrijd op de VGC (waarvan wordt gehoopt dat de bouw van het clubhuis tegen die tijd zal zijn afgerond) gevolgd door een borrel en gezamenlijk diner in de officiersmess van de Koning Willem III kazerne in Apeldoorn. De dag erna zal een NOGB team aantreden voor een wedstrijd tegen een team van de Nederlandse Golf Comité. De contributie in die tijd bedraagt 25 gulden hetgeen recht geeft op green-free vrij spelen op de baan van de VGC.

Ook de contacten met in Europa gelegerde buitenlandse officieren worden onderhouden hetgeen regelmatig resulteert in onderlinge golfwedstrijden. In juli 1967 ontvangt het Bestuur een positieve reactie van de Canadese Majoor Gaitens die aangeeft dat er onder de Canadese officieren grote belangstellening bestaat voor een “friendly golfmatch” ergens in augustus van dat jaar.

Daarnaast blijft het NOGB Bestuur pogingen ondernemen om de NOGB onder de aandacht te brengen en om steun te krijgen. Zo wordt er op 11 juli 1968 in een brief (2) opnieuw een formeel verzoek gericht aan de Minister van Defensie. Omdat de golfsport meer en meer in de belangstelling is komen te staan, en niet alleen door officieren maar inmiddels ook door militairen uit alle rangen wordt beoefend, acht het Bestuur de tijd rijp dat de NOGB en de door haar georganiseerde wedstrijden worden erkend en opgenomen “in de lange rij van sporten waaraan officieel steun wordt gegeven”.
Dat er meer belangstelling kwam blijkt ondermeer uit de stijging van het ledental van de NOGB. In 1968 waren 80 officieren en/of reserveofficieren lid van de NOGB, in 1969 was dit al gestegen naar 100 leden. Op 28 augustus 1968 ontving het Bestuur het antwoord (van Minister Willem den Toom. Hij gaf aan dat hij met veel belangstelling kennis had genomen van de inhoud van de brief maar dat hij “uiterste zuinigheid moest betrachten” en dat golf voor de Krijgsmacht niet als belangrijk genoeg werd bevonden en dat daarmee helaas niet werd voldaan aan het belangrijkste criterium om als sport voor eventuele steun van het Ministerie van Defensie in aanmerking te komen. Ook het geringe aantal beoefenaars speelde een rol in de besluitvorming.

Op 5 oktober 1968 wordt desondanks naast het NOGB kampioenschap ook het “Open Militair Kampioenschap” gespeeld. Aan dit OMK kan door militairen (all ranks!) in werkelijke dienst worden deelgenomen. Na afloop van de wedstrijd wordt er, samen met de leden van de VGC, in de Officiersmess van de Koning Willem III kazerne gehouden. In een brief aan de NOGB leden wordt de golfbaan van de VGC in Hoog-Soeren vanaf 6 oktober dat jaar is opengesteld voor de dames van de NOGB-leden zonder dat daar greenfee voor hoeft te worden betaald.

De jaren 70
Eind van de jaren zestig wordt er jaarlijks in het voorjaar door de NOGB op de VGC de wedstrijd om het NMK georganiseerd. Omdat er zich steeds meer leden aanmelden, en om ook de leden met een hogere handicap in de gelegenheid te stellen van de prachtige baan van de Veluwsche te laten genieten verzoekt het Bestuur aan de VGC om dit met een extra dag te mogen uitbreiden en ook in het najaar een NOGB wedstrijd te mogen organiseren. De VGC stemt hiermee in en stuurt als bevestiging een fax naar Dhr. Ab Leeflang, de secretaris van de NOGB. In de derde verenigingsmededeling van 1970 wordt deze nieuwe najaarswedstrijd voor de eerste keer aangekondigd. Op woensdag 06 oktober 1971 zal om 09.30 uur (“midden in de week, niet te koud en nog op zomergreens”) worden gestart met een wedstrijd over 27 holes. In dezelfde verenigingsmededeling wordt overigens ook aangegeven dat de Dhr. F. Scholten, oprichter, eerste NOGB voorzitter en jarenlang vice-voorzitter, op 24 april 1971 tot erelid is benoemd.

In een brief die op 01 januari 1972 aan H-CIMS wordt verstuurd kondigt het NOGB Bestuur opnieuw aan dat het voornemens is om op vrijdag 5 en zaterdag 6 mei op de VGC het Open Golfkampioenschap voor de Strijdkrachten te organiseren. De brief heeft als bijlage een ontwerp Landmachtmededeling, waarin wordt gerefereerd aan Landmachtorder 62013, codenr. 21/34. In de ontwerp mededeling wordt ondermeer aangegeven dat niet mag worden overnacht in een hotel maar dat de Commandant van Staf- en Verzorgingscompagnie van legerplaats De Wittenberg zal zorg dragen voor voeding en huisvesting en dat hiervoor “tafelgeld” bij het Rijk in rekening mag worden gebracht. In het antwoord, wat eveneens per brief al op 14 januari wordt ontvangen, geeft H-CIMS opnieuw aan dat “de tak van sport “Golven” niet op het jaarprogramma 1972 voorkomt” en dat voor het organiseren van een Open Kampioenschap voor de Krijgsmachtdelen een verzoek aan Zijne Excellentie de Minister van Defensie moet worden gericht.
Ondanks deze afwijzing neemt het Nederlands Golfcomité deze 2-daagse wedstrijd wel op in haar Nationale wedstrijdkalender en is het Z.K.H Prins Bernhard die persoonlijk de prijs voor de winnaar in de vorm van een wisselbeker die zijn naam draagt ter beschikking stelt. Zo wordt er dus op 5 en 6 mei op de golfbaan van de VGC een NMK Golf gespeeld en wordt vanaf 1972 jaarlijks de Prins Bernhard Beker uitgereikt aan de militaire (of ex-militaire) golfspeler met het beste bruto resultaat over 2x 18 holes. Het is de Sgt (KLu) G.C.H. Boselie die het voor elkaar krijgt om de beker drie keer achterelkaar (1973, 1974 en 1975) te winnen en dus mag hij deze houden en komt er een nieuwe beker. Het is daarom dat de namen van de eerste vier winnaars niet op de huidige Prins Bernhard beker terug te vinden zijn.

Daarna wordt het een beetje stil rondom de NOGB. Ondanks vele afwijzingen door de jaren heen van officiële militaire instanties, maar ook van de Minister van Defensie, blijft het NOGB Bestuur actief en worden er volgens een vast concept jaarlijks op de “homecourse” van de NOGB, de golfbaan van de VGC, een voorjaar- en najaarswedstrijd georganiseerd.

De negentiger jaren
In de verenigingsmededeling nr. 2-93 wordt naast een stukje geschiedenis ook aandacht gevraagd voor het aftreden van Dhr. W.Ch.J.M. van Lanschot als voorzitter van de NOGB. Hij doet dit na 40 jaar (!!) de voorzittershamer te hebben gehanteerd. Dhr. P.A.A. van Oppen wordt zijn opvolger. Op het tweede blad van deze mededeling worden onder meer de resultaten van de wedstrijden om het NOGB Kampioenschap en het NMK vermeld. De contributie is inmiddels opgehoogd naar 40 euro per jaar waarvoor op weekdagen (maar niet in het weekend en tijdens VGC wedstrijden) op de baan van de VGC mag worden gespeeld. Niet duidelijk is of hier een limiet qua rondjes per jaar aan was gekoppled.

Eind 1999, om precies te zijn op 22 december, wordt er op initiatief van Commodore (bd) H.Th.B. van Dillen als Cordinator Internationale Militaire Sport en het Hoofd Bureau Internationale Sport, Lkol C.W. Meijl, een bijeenkomst gehouden waarin samen met het Bestuur van de NOGB en de Chef d’Equipe van de Nationale Militaire Golfequipe, Lkol J. Schoonens de mogelijkheden voor het intensiveren van de samenwerking tussen de NOGB en het BIMS worden onderzocht. Het ziet er naar uit dat na al die jaren de NOGB activiteiten eindelijk worden erkend door het Ministerie van Defensie. In een lijvige gespreksnotitie (2 3 4) bestaande uit 4 blz worden de besproken punten neergelegd. Het doel van de bijeenkomst is tweeledig; 1. Positionering van de golfsport binnen de Militaire organisatie en 2. Positionering van het Nederlands Militair Golfteam daarbinnen.

De NOGB in de 21e eeuw
In de 1e verenigingsmededeling van 2005 staat te lezen dat Ab Leeflang per 1 januari van dat jaar, na een periode van 35 jaar (!) in het Bestuur van de NOGB te hebben gezeten, het secretariaat heeft overgedragen aan Lkol (bd) der Artillerie Eduard Kraijenbrink. Als dank voor zijn diensten wordt Ab benoemd als erelid en krijgt de VGC van de NOGB een herinneringsboom aangeboden welke een plekje op de route van de green van de 5e hole naar de afslag van de 6e hole krijgt Ab Leeflang bij boom. In dezelfde mededeling worden de speelmogelijkheden voor NOGB-leden op de VGC nogmaals duidelijk aangegeven en is de contributie opgehoogd naar €30.

Op het gebied van het organiseren van het Nederlands Militair Kampioenschap zijn er eind 2007 ook, voor de NOGB ingrijpende, wijzigingen op komst. Omdat de Sportraad heeft besloten dat alle tot dan toe separaat georganiseerde Krijgsmachtdelen kampioenschappen komen te vervallen heeft dit gevolgen voor de wedstrijd die jaarlijks door de NOGB wordt georganiseerd. Vanaf 2008 worden alle Nederlandse Militaire Kampioenschappen, en dus ook het NMK Golf, door en binnen de defensieorganisatie georganiseerd. Het Hoofd van het Bureau Internationale Militaire Sport (BIMS), onder wiens auspiciën de NMK’s worden georganiseerd, beseft zich terdege dat dit consequenties heeft voor de NOGB een geeft in zijn brief van 10 december 2007 aan dat hij niet voornemens is om de jarenlange band met de NOGB en met de Veluwse Golfclub eenzijdig te verbreken. De Chef d’Equipe van de Nederlandse Militaire Equipe (NME) Golf, Lkol der Fuseliers H.J. Wendrich, wordt dan ook verzocht bij het opstellen van zijn jaarlijkse programma er voor zorg te dragen dat de voltallige NME-selectie aan het jaarlijkse NOGB Kampioenschap (beste netto score NOGB lid) en de IGK Beker (beste bruto score deelnemers alle rangen) zal blijven deelnemen. Deze tweedaagse wedstrijden zullen voor de selectiespelers van de NME gelden als officiële selectiemomenten voor deelname aan een CISM Militair Wereld Kampioenschap Golf.

Naast dat dit besluit van invloed is op het organiseren van het NMK Golf door de NOGB moest ook worden nagedacht over de toekomst van de Prins Bernhard beker. Aangezien de beker ooit was ingesteld als de prijs voor de Nederlands Militair Kampioen Golf (de beste actief dienende militair over een een wedstrijd van 2 x 18 holes bruto strokeplay) werd in een bijeenkomst tussen het NOGB Bestuur, H-BIMS en de CdE van de NME Golf op 25 januari 2008 in het clubhuis van GC Edda Huzid besloten dat deze belangrijke Beker zou worden overgedragen aan defensie en na afloop van het NMK Golf - om de verbondenheid met de NOGB te blijven benadrukken - zal worden uitgereikt door de Voorzitter van de NOGB.

Nadat de NOGB leden op 14 maart 2013 in een speciale mededeling van de voorzitter op de hoogte waren gebracht van het feit dat de secretaris tevens penningmeester Eduard Kraijenbrink begin februari 2013 thuis een hersenbloeding had gehad was er op 26 april 2014 opnieuw een speciale mededeling van de voorzitter aan de leden waarin hij aangaf dat het zijn droeve plicht was hen op de hoogte te stellen dat onze Eduard, ondanks eerder positieve berichten niet was hersteld en dat hij op 24 april 2014 was overleden. Naast dat Eduard een zeer aimabele persoonlijkheid was, is hij voor de NOGB gedurende een periode van bijna tien jaar van onschatbare waarde geweest. Jarenlang was hij de spil binnen de NOGB waar alles om draaide en waarvoor hij telkens weer van alle leden veel, heel veel, waardering heeft gekregen.

Omdat de leeftijd, en ook toch wel een beetje de gezondheid, aanleiding gaf om te gaan nadenken over een mogelijke bestuurswisseling was het bestuur in de loop van 2012 al voorzichtig begonnen met het zoeken van potentiele opvolgers voor functies in het bestuur van de NOGB. Door de secretaris werden een aantal leden gepolst en een drietal, die ook nauwe banden hadden met de Nederlandse Militaire Golfequipe, en die elkaar goed kennen, gaven aan dat zij in te zijner tijd bereid zouden zijn de bestuurstaken op zich te nemen. Door het onverwacht overlijden van de secretaris tevens penningmeester kwam de wisseling in een stroomversnelling en werd besloten om op 07 juni 2014, na afloop van de voorjaarswedstrijd de voorzittershamer over te dragen aan Brigade-generaal G.W. Van Keulen hetgeen in de verenigingsmededeling (2 3) 2014-1 werd aangekondigd.